Probeer en experimenteer.
Ik ben het afgelopen semester bezig geweest met klei. Dat materiaal en onderwerp ligt binnen mijn comfortzone. Toch ben ik zeker nog geen expert op het gebeid. Ik heb mij door anderen laten uitdagen om andere soorten klei te proberen en daarmee te kijken of ik er lekker mee werk. Zo ben ik bezig geweest met verschillende soorten klei en heb ik de bijbehorende soorten glazuur uitgeprobeerd.
Verschillende soorten klei
Naast fijne chamotte, heb ik ook met porselein en papierklei geëxperimenteerd. Porselein is niks voor mij, niet voor dit project. Het materiaal krimpt voor mij te snel om ermee te werken zoals ik dat wil.
Papierklei was wel leuk om wat mee te proberen. Voor mijn gevoel was het net wat elastischer dan fijne chamotte. Het is jammer dat ik heel weinig mee heb kunnen werken.
Door deze verschillende soorten klei te testen, heb ik grens van mijn comfortzone een klein beetje verlegd. Er is niet 1 soort klei waarvoor ik ben gegaan, ze zijn immers allemaal deel van het proces.
Manier van werken
Iets wat ik verder nog niet benoemd heb, maar volgens mij wel belangrijk is, is dat ik mijn comfortzone ook een klein beetje vergroot heb door de manier van werken. In het eerste semester heb ik heel veel kleine object-jes gemaakt. Daaruit kwam dus het woord ‘troostobject’. Een deel van de feedback die ik daarop heb gekregen, is om in ieder geval te proberen wat groter te werken. Dat lag op dat moment nog heel erg buiten mijn comfortzone. Ik houd van klein werken. Maar goed, ik ga in ieder geval proberen groter te werken en dan kijk ik wel wat ik daarvan vind. Ik heb door middel van gipsen mallen groter kunnen werken dan ik gewend was. En wat bleek? Ik vind het eigenlijk best wel fijn om op die manier groter te werken. Kan het nog groter? Waarschijnlijk wel, maar dan had ik moet zoeken naar manier die voor mij werkte. Ik heb geprobeerd groter te werken zonder gebruik van de mallen, maar toen “mislukte” elk sculptuur wat ik maakte. De klei viel te snel in elkaar en na een paar verschillende dingen te proberen, ben ik toch teruggegaan naar de mallen. Dus de mallen zijn een hulpmiddel geweest om mij iets groter te laten werken dan ik gewend was.
Naast het formaat, ben ik ook op een andere manier met de klei omgegaan. Omdat het zo groot is en het onderwerp omhelzingen is, wilde ik fysiek de klei omhelzen. Dat fysieke is iets wat ik nog niet eerder zo heb gedaan. Meestal blijft het bij het gebruik van mijn handen, maar nu heb ik ook mijn schouders, hals, buik en benen gebruikt. Het is allemaal fysieker geworden. Fysieker dan ik in eerste instantie wilde, maar ik ben er wel tevreden mee.
Glazuur
Na de meivakantie is de laatste fase ingegaan. Vormen heb ik genoeg. Ik zou met meer tijd, meer vormen en sculpturen willen maken, maar ik moet me nu gaan focussen op de afronding.
Dat betekent dat ik met glazuur bezig moet gaan.
Wil ik überhaupt glazuur? Zo ja, welk glazuur wil ik? Wat voor kleur? Glanzend of mat? Ik heb ook iets van porselein gemaakt. Daar kan ik andere soorten glazuur voor gebruiken, wil ik dat doen?
Waar ik vrij snel achter kwam, is dat ik een zachte kleur wil. Ik wil iets rustigs.
Een felle kleur is zo ‘in-your-face’. Dat wil ik niet. Ik wil rustige, pastel-achtige kleuren die zacht zijn. Zacht en rustig associeer ik met de troost waar ik naar zoek.
De blauwe kleuren in mijn sculpturen is een referentie naar de tekeningen, ondanks dat deze tekeningen nu een andere kleur hebben. Daarnaast heb ik roze en paars als kleuren gebruikt Ook wilde ik een paar sculpturen, de kleur van de klei laten behouden. Er zijn een paar sculpturen waarbij ik gekleurde klei heb gebruikt, die kleur wilde ik zichtbaar houden.
Als laatste is er 1 sculptuur wat ik niet heb geglazuurd. Deze wilde ik neutraal houden. Want naast de kleuren die ik zelf heb gekozen (blauw, roze, paars) vond ik de kleur van de klei ook best zacht.
Al deze kleuren bij elkaar is een pallet aan zachte kleuren die ik voor me zag.
Het totaal plaatje
Alles bij elkaar, heb ik 10 sculpturen van een mix aan verschillende soorten klei en glazuur. Ik heb me afgevraagd of ik een keuze wilde maken in wat ik wel of niet wilde presenteren. Wat ik mij realiseerde is dat ik eigenlijk alles een plekje wil geven. Het proces is zo gelopen. Het is zoals het hoort. Elke sculptuur heeft voor mij een eigen persoonlijkheid, een eigen karakter. Ik zou me bijna schuldig gaan voelen als ik er 1 niet exposeer.
Ze horen er allemaal bij, fijne chamotte, papierklei of porselein. Roze, blauw en paars. De kleur van witte, rode en zwarte klei.

Leave a Reply