Tijdens het voorbereiden van de presentatie realiseerde ik mij iets. Ik heb weinig inspiratie opgedaan door andere kunstenaars. Hoe heb ik dan inspiratie opgedaan?
Gesprekken.
Heel veel denken.
Mijn gevoel
Het werk van medestudenten.
Nog meer gesprekken.
Ik ben veel meer bezig geweest met het gevoel dat ik heb gehad en wilde laten zien. Ik ben veel meer bezig geweest met gesprekken voeren, zowel de gesprekken met Karen en Oskar bedoel ik, maar ook gesprekken thuis met mijn ouders, broer en vrienden. Ik heb zelfs nog gepraat met docenten op mijn stageschool, zij waren namelijk wel benieuwd wat ik deed. Hun input was ook waardevol.
Ik heb wel gezocht naar bronnen op de momenten dat ik vast liep, maar uiteindelijk heb meer gehaald uit de gesprekken met anderen en de gesprekken die ik in mijn hoofd heb gevoerd.
Ik zit in het lokaal Berlijn. Een mooie ruimte met veel licht, een podium bij het raam en verder een lege kamer. En ik mag die zelf helemaal inrichten. Ik heb sculpturen en tekeningen. Daarnaast ben ik er door gesprekken met zowel docenten als studenten achter gekomen dat ik mijn ruimte wil inrichten zoals het werk mij heeft laten voelen. Troostend. Welke ruimte is voor mij troostend? Het keramieklokaal. Maar ik kan niet het lokaal transformeren naar keramieklokaal.
“Waarom niet?”
Hmmm, ja waarom niet eigenlijk
Oké wat heb ik nodig als ik het lokaal wil transformeren in een soort atelier/werkruimte? Een tafel waar ik aan kan werken en een stoel om op te zitten. Oké even aan Marco vragen of dat kan. Marco zegt dat het kan, dan moet ik gewoon zelf even goed onthouden dat de tafel op tijd het keramieklokaal uitgaat.
Tafel en stoel: check.
Wat wil ik nog meer? De tekeningen wil ik aan de muur hebben. Dat is niet zo lastig, dat kan ik met plakband doen. Het papier moet dun zijn, zodat het voelt als schetspapier. Het proces is immers nooit echt klaar. Daarnaast zijn de tekeningen begonnen als iets voor mezelf. Als ik ze zelf zou printen, zou dat waarschijnlijk ook op een normale kantoorprinter zijn. Aan de hand van een gesprek met Oskar ga ik wel nog even experimenteren met de manier van ophangen. Wil ik de tekeningen plat op de muur? Of moeten ze er van loskomen? Wat vind ik er beter uitzien? Dat weet ik denk ik pas als ik het zie, dus dat moet gaan afhangen van de opbouw week.
Tekeningen: check.
De sculpturen. Waar wil ik die hebben? Ik wil een soort werkatelier, maar waar horen dan de sculpturen? Ik heb het er met een paar medestudenten over gehad en die gaven mij het idee om een stellingkast te gebruiken. Het klonk eerst als een grapje, maar hoe meer ik erover nadacht, hoe meer het idee paste bij wat ik voor me zag. Ik heb afgelopen semester de hele tijd mijn werk in de stellingkasten bewaard, het plaatje klopt er wel bij als ik ze in een stellingkast presenteer. Dus wederom richting Marco; kan ik überhaupt een stellingkast naar boven krijgen? Met meetlint gekeken of het in de lift past. Dat lukt. Toevallig gaan er sowieso twee kasten uit het design lokaal. Dat betekent dat ik die mooi kan gebruiken! Marco, je bent geweldig!
Sculpturen in stellingkast: check.
Het idee is dat ik de ruimte inricht alsof het een werkruimte is waar ik zo verder in zou kunnen werken. Dus ik leg ook klei neer, klaar om te gebruiken. Ik zet een mal van gips neer, zo een waar ik ook mee heb gewerkt. Ik leg mijn gereedschap neer dat ik van mijn vader voor sinterklaas heb gekregen. Om het plaatje af te maken, leg ik een oude koptelefoon neer.
“Kijk er is hier iemand aan het werk.”
Het werken is troostend geweest, de ruimte was een troostende ruimte. De sculpturen zijn troostende objecten geworden; we zijn weer terug bij troostobject.
Het totale plaatje is troostend.
Beoordeling
Het plan is nu: een kleine performance waarin ik bezig ben met klei en iets vertel. Dat wat ik vertel, zijn de gedachtes, gevoelens en echt gesproken woorden van een periode waarin ik niet lekker in mijn vel zat en niet verder kwam in mijn proces.
“performance tekst” (ongeveer, staat niet muurvast):
Groen licht
Een tussentijdse beoordeling
Ik maak me er eigenlijk niet zo veel zorgen om. Volgens mij komt dat wel goed.
Ja ik ben wel zenuwachtig maar dat komt wel goed.
Ooh
Het was niet goed genoeg. Ik moet iets anders doen.
Dat wat ik nu doe is niet goed.
Wat moet ik dan doen? Wat moet het eindresultaat zijn?
Onderzoek
Ik wil er niet aan werken. Ik kan toch niks vinden. Ik snap het niet.
Volgens mij maak ik het mezelf heel moeilijk.
Dit onderwerp inspireert mij niet meer. Maar volgens mij moet ik gewoon door gaan, dan kom ik er wel uit.
Een blessure
Mijn heup doet pijn. Ik kan af en toe niet staan. Mijn voet tintelt. Ik kan niet meer naar karate.
Ik kan mij niet meer vrij bewegen.
Ik kan niet meer schreeuwen.
Themaweek
Godverdomme wat een kut thema. Makkelijk praten dat ik me geen zorgen hoef te maken om het eindresultaat. Ik moet mij gewoon verantwoorden voor de keuzes die ik maak.
Wat een stom gelul.
Eigenlijk is het best een goed thema. Onverdeelde aandacht voor mijn proces.
Mijn proces.
Ik wil denk ik iets doen met dat proces.
Bedankt voor de gesprekken.
Begin maart
Ik weet het nog niet helemaal met beeldend.
Ik weet het al helemaal niet met dag onderzoek. Het gaat me allemaal niet lukken.
De stress zit me tot hier.
Kut ik moet nog een formulier invullen.
Godverdomme mijn laptop doet het niet!
Kut het formulier is al helemaal vol! Kut kut kut!
Pap jij moet al helemaal je bek houden!
Waarom sta je nooit aan mijn kant?!
Schreeuwen, huilen en dan opeens stilte.
Een hand op mijn schouder.
“Stop maar met die scriptie, dat mag je ook volgend jaar doen.”
Tijdens het maken, heb ik zoals eerdergenoemd elke keer een timelapse gemaakt. Ergens in de timelapse heb ik een screenshot gemaakt en daarvan heb ik een tekening gemaakt.
Ik ben begonnen met deze tekeningen omdat ik het leuk vond. Ik had er in principe geen plan voor. Langzamerhand werd het een vast deel in mijn proces. Het keramieklokaal binnenstappen, mijn ipad neerzetten en een timelapse starten. Werken met klei aan een sculptuur. Na afloop de timelapse doorspitten of een screenshot die mij fascineert. Deze screenshot natekenen. Het maken van die tekeningen hoort nu bij het proces en het hoort bij het werk.
Betekenis
Ik ben steeds meer bezig geweest met de betekenis van alles wat ik heb gemaakt. Ik heb sculpturen en ik heb tekeningen.
Naast dat de sculpturen echt gaan over omhelzingen, gaan de tekeningen over een stukje comfort en plezier. Het zijn allemaal dingen in het proces die mij troost bieden. En zo kwam ik bij de titel die ik eigenlijk begin maart al heb geschreven, maar toen nog niet als titel had bedacht: Troost Comfort Omhelzing.
Dat stuk tekst met dezelfde titel, is heel lang sprekend geweest voor de dingen waar ik mee bezig was. Het is iets waar ik elk keer weer op wilde terugvallen. Maar waar die tekst alleen over omhelzingen en troost van anderen en troost van mezelf ging, gaat het hele werk ook over de troost die het proces mij heeft geboden.
Het totale plaatje is het werk geworden. De plek waar ik heb gewerkt, in het keramiek lokaal. Het neerzetten van mijn ipad waar ik een timelapse mee heb gemaakt. De screenshot die ik maakte om daarna na te tekenen. Het sculptuur wat ik maakte tijdens die timelapse. Het werk is het hele plaatje van het maken. Het hele plaatje is troostend voor mij.
Side note: Dit hele proces is nu bezig met het afronden. Ik heb bijna elke keer mijn koptelefoon opgehad. Een manier om mezelf af te sluiten van mijn omgeving. Deels helpt het met focussen, maar er is ook een stukje vermijden wat mensen daarin aflezen. Steeds verder in dit proces, ben ik mijn koptelefoon af gaan doen. Ik werk nog steeds lekker met muziek op. Ook dat is troostend. Toch is het af en toe ook goed om zonder koptelefoon te werken en met mensen te communiceren. Want ook dat zorgt ervoor dat ik me goed voel. Het viel mij de laatste paar weken op, dat ik steeds vaker mijn koptelefoon om mijn nek heb hangen in plaats van op mijn oren heb staan. Ik ben veel meer bezig met de communicatie met anderen. Ik stel mij meer open voor anderen.
Hieronder alle tekeningen die ik heb gemaakt en ook wil printen voor de eindexpo. Ik heb er een paar uitgehaald die ik met een te lage resolutie heb opgeslagen en op een verkeerd formaat heb getekend. Helaas.
Bij deze tekeningen heb ik nu alle achtergronden aangepast naar deze beige-achtige kleur.
Het zijn er nu 23. Geheel toevallig, ben ik nu 23 jaar oud. Ik heb daar niet over nagedacht en heb ik zonder opzet gedaan, toch vind ik het een leuke toevalligheid.
Op een bepaald moment, heb ik besloten de achtergrond kleur te veranderen van blauw naar een soort roze-achtig beige. De kleur werkt voor mij iets beter omdat het dichterbij mijn huidskleur in de buurt komt. Daarnaast komt het ook dichterbij de kleur van klei. De kleur is iets “rustiger” dan het blauwe. Ik denk dat het komt omdat het blauwe onrealistisch voelt.
Ik ben het afgelopen semester bezig geweest met klei. Dat materiaal en onderwerp ligt binnen mijn comfortzone. Toch ben ik zeker nog geen expert op het gebeid. Ik heb mij door anderen laten uitdagen om andere soorten klei te proberen en daarmee te kijken of ik er lekker mee werk. Zo ben ik bezig geweest met verschillende soorten klei en heb ik de bijbehorende soorten glazuur uitgeprobeerd.
Verschillende soorten klei
Naast fijne chamotte, heb ik ook met porselein en papierklei geëxperimenteerd. Porselein is niks voor mij, niet voor dit project. Het materiaal krimpt voor mij te snel om ermee te werken zoals ik dat wil.
Papierklei was wel leuk om wat mee te proberen. Voor mijn gevoel was het net wat elastischer dan fijne chamotte. Het is jammer dat ik heel weinig mee heb kunnen werken.
Door deze verschillende soorten klei te testen, heb ik grens van mijn comfortzone een klein beetje verlegd. Er is niet 1 soort klei waarvoor ik ben gegaan, ze zijn immers allemaal deel van het proces.
Manier van werken
Iets wat ik verder nog niet benoemd heb, maar volgens mij wel belangrijk is, is dat ik mijn comfortzone ook een klein beetje vergroot heb door de manier van werken. In het eerste semester heb ik heel veel kleine object-jes gemaakt. Daaruit kwam dus het woord ‘troostobject’. Een deel van de feedback die ik daarop heb gekregen, is om in ieder geval te proberen wat groter te werken. Dat lag op dat moment nog heel erg buiten mijn comfortzone. Ik houd van klein werken. Maar goed, ik ga in ieder geval proberen groter te werken en dan kijk ik wel wat ik daarvan vind. Ik heb door middel van gipsen mallen groter kunnen werken dan ik gewend was. En wat bleek? Ik vind het eigenlijk best wel fijn om op die manier groter te werken. Kan het nog groter? Waarschijnlijk wel, maar dan had ik moet zoeken naar manier die voor mij werkte. Ik heb geprobeerd groter te werken zonder gebruik van de mallen, maar toen “mislukte” elk sculptuur wat ik maakte. De klei viel te snel in elkaar en na een paar verschillende dingen te proberen, ben ik toch teruggegaan naar de mallen. Dus de mallen zijn een hulpmiddel geweest om mij iets groter te laten werken dan ik gewend was.
Naast het formaat, ben ik ook op een andere manier met de klei omgegaan. Omdat het zo groot is en het onderwerp omhelzingen is, wilde ik fysiek de klei omhelzen. Dat fysieke is iets wat ik nog niet eerder zo heb gedaan. Meestal blijft het bij het gebruik van mijn handen, maar nu heb ik ook mijn schouders, hals, buik en benen gebruikt. Het is allemaal fysieker geworden. Fysieker dan ik in eerste instantie wilde, maar ik ben er wel tevreden mee.
Glazuur
Na de meivakantie is de laatste fase ingegaan. Vormen heb ik genoeg. Ik zou met meer tijd, meer vormen en sculpturen willen maken, maar ik moet me nu gaan focussen op de afronding.
Dat betekent dat ik met glazuur bezig moet gaan.
Wil ik überhaupt glazuur? Zo ja, welk glazuur wil ik? Wat voor kleur? Glanzend of mat? Ik heb ook iets van porselein gemaakt. Daar kan ik andere soorten glazuur voor gebruiken, wil ik dat doen?
Waar ik vrij snel achter kwam, is dat ik een zachte kleur wil. Ik wil iets rustigs.
Een felle kleur is zo ‘in-your-face’. Dat wil ik niet. Ik wil rustige, pastel-achtige kleuren die zacht zijn. Zacht en rustig associeer ik met de troost waar ik naar zoek.
De blauwe kleuren in mijn sculpturen is een referentie naar de tekeningen, ondanks dat deze tekeningen nu een andere kleur hebben. Daarnaast heb ik roze en paars als kleuren gebruikt Ook wilde ik een paar sculpturen, de kleur van de klei laten behouden. Er zijn een paar sculpturen waarbij ik gekleurde klei heb gebruikt, die kleur wilde ik zichtbaar houden.
Als laatste is er 1 sculptuur wat ik niet heb geglazuurd. Deze wilde ik neutraal houden. Want naast de kleuren die ik zelf heb gekozen (blauw, roze, paars) vond ik de kleur van de klei ook best zacht.
Al deze kleuren bij elkaar is een pallet aan zachte kleuren die ik voor me zag.
Het totaal plaatje
Alles bij elkaar, heb ik 10 sculpturen van een mix aan verschillende soorten klei en glazuur. Ik heb me afgevraagd of ik een keuze wilde maken in wat ik wel of niet wilde presenteren. Wat ik mij realiseerde is dat ik eigenlijk alles een plekje wil geven. Het proces is zo gelopen. Het is zoals het hoort. Elke sculptuur heeft voor mij een eigen persoonlijkheid, een eigen karakter. Ik zou me bijna schuldig gaan voelen als ik er 1 niet exposeer.
Ze horen er allemaal bij, fijne chamotte, papierklei of porselein. Roze, blauw en paars. De kleur van witte, rode en zwarte klei.
na het scrollen op deze pagina, de inspiraties die ik afgelopen jaar heb gedocumenteerd, realiseerde ik mij dat ze allemaal iets gemeen hebben. Er zitten grote verschillen in de werken die ik in 2023 heb gepost, namelijk dat deze werken voornamelijk met spiegels gemaakt zijn. In 2024 bestaan de werken voornamelijk uit klei.
Wat er voorzorg dat ze in mijn beleving overeenkomen, is de beleving en emoties die ik krijg bij de kunstwerken. Misschien niet de emotie specifiek, maar wel het feit dat ik ze heb gekozen OMDAT ik iets voelde. De spiegels lijken misschien koud en stug. De klei lijkt waarschijnlijk hard en onbeweegbaar. Maar de werken heb ik (bijna) allemaal uitgekozen omdat ik er iets voor voel. De emoties die ik krijg bij deze kunstwerken, zorgen over voor dat ik ze wil bewaren. De ene keer komt het door de bedoeling van de kunstenaar, zoals Kusama, waar het draait omdat dat wat je voelt in een infinity room. Bij andere werken, gaat het meer om iets fysiek wat mij iets laat voelen, zoals de kleuren van het werk van Alice Héron. Het gaat om het stukje voelen en emoties. In mijn geval het stukje troost en comfort wat ik ervaren. Die omhelzingen zijn misschien heel letterlijk, maar uiteindelijk is dat maar een deel van het werk. De troost en het gevoel dat daar bij hoort is het belangrijkst voor mij.